Mijn kind dat er niet had moeten zijn.

Petra noemt zichzelf geen oermoeder. Ze heeft nooit geroepen dat ze wel 100 kinderen wilde en wilde ze zéker niet tot haar 30e. Nadat ze trouwde werd ze toch snel zwanger, maar helaas had het kindje de chromosoomafwijking trisomie 18.

Ik kwam ook maar steeds niet de juiste man tegen om überhaupt kinderen mee te willen, dus het is lang niet aan de orde geweest. Ik ontmoette Johan en we trouwden in 2009, een paar maanden voor mijn 30e verjaardag. Ik weet nog dat we een aantal maanden later uit eten waren en tijdens dat etentje besloten we dat ik zou stoppen met de pil. We zouden wel zien of het zou lukken. Drie maanden later was ik zwanger. Iedereen riep dat het een jongen werd, maar ik was overtuigd van een meisje. We besloten geen nekplooimeting te doen, aangezien ik met mijn 30 jaar niet in een risicogroep viel. Toch bleef er iets knagen: ik was niet onbezorgd, kon niet genieten van de zwangerschap en hield steeds een slag om de arm als iemand enthousiast over ons kindje-in-wording sprak. Moederinstinct is een bijzonder iets.

Trisomie 18

Helaas bleek tijdens de zwangerschap dat het inderdaad niet goed was en uiteindelijk is het kindje in mijn buik overleden. “Het” was een meisje (ik had gelijk!) en “ze” had trisomie 18. Dit is een chromosoomafwijking, waarbij er van een chromosoom drie stuks aanwezig zijn, in plaats van de gewone twee. Trisomie 18 brengt heel veel gezondheidsproblemen met zich mee, waardoor Johan en ik dankbaar waren dat ze niet was geboren. Toevallig had Johan een collega die een kindje met trisomie 18 had en dat kindje woonde al sinds zijn geboorte in een zorginstelling. Toen hij 4 was overleed hij. Dat leek me nog veel moeilijker – je zorgt voor je kind, je hebt het vastgehouden en uiteindelijk moet je er afscheid van nemen. Nee, dan hadden wij gezien de omstandigheden toch de beste uitkomst: ze overleed in mijn buik. En ze had ook iets achtergelaten: de zekerheid dat ik toch echt wel kinderen wilde.

Positieve zwangerschapstest

Nu was 2010 al niet zo’n best jaar (we moesten afscheid nemen van Johans beppe en ik had zelf nogal wat gezondheidsproblemen), maar we sloten het goed af: in december 2010 had ik weer een positieve zwangerschapstest in mijn handen. Dit keer kon ik wel blij zijn. Ik wist zeker dat het een jongen zou zijn, voelde me goed en kon genieten van de zwangerschap en alles wat erbij komt kijken. Toegegeven, de bevalling was minder leuk, maar uiteindelijk waren we in augustus 2011 de trotse ouders van een mooie zoon, Jonne. Oftewel: het-kind-dat-er-niet-had-moeten-zijn.

Ik hoor jullie denken: Het kind dat er niet had moeten zijn? Ja. Want ik was in september 2010 uitgerekend van ons meisje. Ik denk niet dat ik drie maanden later al behoefte had gehad aan een nieuwe zwangerschap. Het is een feit dat als ons meisje was geboren, onze fantastische zoon er niet zou zijn geweest. Niet dat we dat dan hadden geweten, maar toch. Jonne is er, omdat onze dochter er niet was.

Twee kanten

Ik wil niet verzanden in een discussie over wat ik liever had gehad – want daar is geen goed antwoord op. Ja, natuurlijk wilde ik het liefst dat ál mijn zwangerschappen goed waren afgelopen. Maar zonder het verlies van het ene kindje, had ik het andere kindje niet gehad. Er zitten dus twee kanten aan.

Jonne kreeg 2 jaar later een zusje, Benthe. En in haar zie ik wie mijn andere dochter zou zijn: pittig, sterke wil en zó mooi. Dus misschien gebeurt alles wel met een reden, is er een grotere macht die invloed heeft op je leven en kom je altijd dáár terecht waar je moet zijn. Ik weet het niet. Wat ik wel weet is dat ik dolgelukkig ben met mijn twee gezonde kindjes en ik denk altijd nog even aan dat ene kindje, dat niet had mogen zijn…

Lees ook:

De uitslag van de NIPT test

28 weken zwanger. Het derde trimester.

Share this post:

Volg Mamaschrijft

Leave a Reply

*

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.

Type to Search

See all results