Op plusuur bij het consultatiebureau.

Joske dacht dat de reputatie van het consultatiebureau ontstaan was door snel op hun tenen getrapte moeders, maar niets is minder waar.

De reputatie van het consultatiebureau is niet al te best. Al voor ik Cas kreeg hoorde ik niet zulke goede verhalen over deze kritische club gerund door oude wijven. Ik vond dat wat overtrokken. Het leek me juist goed dat de ontwikkeling van (ouder en) kind gemonitord wordt. Ouders die daar over klagen, zijn van die ouders die zeggen dat hun kind niet in het onderwijssysteem past. Ik snáp het wel, maar zonder norm of meetlat is het moeilijk monitoren waar we staan en waar we naartoe moeten.

Dus, het consultatiebureau zou best wel meevallen, dacht ik zo.

Het eerste bezoek aan het bureau was in onze oude woonplaats, een dorp op het platteland. Er zat geen klem op de deur waardoor ik de kinderwagen naar binnen moest duwen en tegelijkertijd de deur open moest houden. Helemaal bezweet en gestrest kwam ik aan, om nog maar te zwijgen over de onrustige dagen die ik van te voren had gehad over de logistieke onderneming die gepaard ging met het op tijd en schoon aankomen met een pasgeboren baby. Niet. Te. Doen.

Eenmaal binnen begon het gemartel pas echt, leerde ik snel.

“Je mag Cas vast uitkleden, dan wegen en meten we hem.’’ Het hele meet-weeg-aan-en-uitkleedritueel voelde als een marathonsessie Bikram Yoga. Ik vergat waar ik de spullen neerlegde, kreeg paniek over de hygiëne van dat vieze matje waar al die andere ongure kinderen op hadden gelegen en voor ik besefte dat ik daar een doek voor bij me had, viel Cas’ speen op de grond, met de goede kant naar beneden en begon Cas te huilen.

Ondertussen noemde een dame Cas “erg klein”. Sjezus, ja! Hij is potdimme prematuur en ik ben blij dat ‘ie eindelijk boven de drie kilo is, k*t! Goed, vriendelijk lachen, kind op de weegschaal, meetlint erlangs en gauw weer zitten. Eenmaal binnen trof ik een geweldig vriendelijke arts die me geruststelde over Cas’ kleur (Hij zag nog wat geel) en zijn spruw. ‘’Zolang hij er niet uit gaat zien alsof hij naar Ibiza is geweest, is er niks aan de hand!’’ Ze roemde zijn groei, sprak begripvol over onze situatie en gaf aan dat ze vertrouwen in ons had. Ik verliet de kamer en mocht Cas weer aankleden. Twee ouders keken naar me en hielpen me met de woorden; ‘’Maak je niet te druk hè, volg gewoon je instinct!’’ Voldaan en trots verliet ik het pand.

Een paar maanden later kwamen we bij het nieuwe consultatiebureau, in de stad.

Het uitkleedritueel ging me inmiddels makkelijker af, maar dat slapen hadden Cas, Ian en ik nog niet onder de knie. Nadat ik mijn oververmoeide hart uitstortte bij de arts, concludeerde ze dat Cas een ZWAAIACHTERSTAND had, dat ik ONZEKER OVERKWAM en dat ik daarom binnenkort moest terugkomen op het PLUSUUR voor ZOEKENDE ouders. Ik begon me te verdedigen zoals moeders op ouderavonden dat doen. ‘’Ja, maar, hij is een maand te vroeg! En hij is verder heel actief!’’ Het pinnige, kort en pittige object aan de overkant knikte instemmend, maar gaf geen sjoege; ik moest terugkomen. Ontdaan verliet ik de ruimte. Ik ben in mijn leven veel genoemd, maar onzeker….?

Ik besloot het roer om te gooien en mijn man die kant op te sturen, die is namelijk niet zo lichtgeraakt als ik en is goed met vrouwen. Toen Ian thuis kwam met Cas, keek hij ongemakkelijk, ‘’Jos, hij heeft een spraakachterstand, we moeten een keer terugkomen. Ook eet hij te veel.’’ Direct contacte ik mijn moeder over deze vervelende toestand. Gelukkig, ik had ook een spraakachterstand en ook mijn moeder moest met mij terugkomen. Andere moeders appten terug dat het consultatiebureau ‘’Altijd wat te zeiken heeft’’ en dat hij vast wel zou kunnen zwaaien en praten op zijn achttiende. Toch vond ik het allemaal erg vervelend.

Mijn man en ik overwogen om in het vervolg wat leugentjes rond te strooien, om het gezeur van die consultatietang te omzeilen.

We hebben besloten dat niet te doen en wel om deze redenen.

  1. Mijn moeder zegt dat er niets aan de hand is en ik vertrouw mijn moeder meer dan die Trudy.
  2. Er is nog geen één bezoek geweest aan die club zure leden waarin we geen commentaar kregen, dus dat zal wel zo horen.
  3. Feit is dat Cas een maand te vroeg was en dat het dus kan dat hij met dingen wat later is.
  4. Liegen is voor angstige losers die de waarheid niet in de bek durven te kijken en daar doe ik niet aan mee.

Dus, consultatietrutten, we komen er weer aan binnenkort, op dat plusuurtje van jullie. Bereid je voor, ik ga je de hele waarheid vertellen over de gebrekkige ontwikkeling van mijn zoon met zijn onzekere moeder. Als je dan nog iets kwijt wilt over Cas, hoor ik het aan, loop ik snel weg en ga ik het lekker tegen mijn moeder zeggen. Doei!

Dit vind je vast ook leuk om te lezen:

Alsjeblieft, geen curling moeder!

Een schema of voeden op verzoek?

Mensen zonder kinderen, zwangerschapsverlof is geen vakantie.

Share this post:

Volg Mamaschrijft

Leave a Reply

*

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.

Type to Search

See all results