Streng zijn is oké.

Aan de ene kant wil ik mijn kinderen zoveel mogelijk vrij laten, maar aan de andere kant weet ik dat streng zijn oké is en dat kinderen juist baat hebben bij duidelijke grenzen.

Wat is nu wijsheid. Je kind streng (of vooral duidelijk) opvoeden of juist wat milder zijn en je kind zelf keuzes laten maken, waardoor hij zelf ervaart wat het effect van die keuzes is? De laatste tijd neigde ik vooral naar dat laatste. Wellicht speelde de zomervakantie daarin ook een rol. De structuur en het vaste ritme raakten steeds meer zoek. Ik vond het zelf eerlijk gezegd ook wel lekker om alles een beetje te laten gaan (ik had al vaker het advies gekregen om dingen wat meer los te laten) met het vertrouwen dat alles vanzelf goed zou gaan. Maar vorige week kwamen mijn vriend en ik tot de conclusie dat we toch echt weer iets consequenter moesten zijn, duidelijke afspraken moesten maken, wat meer de leiding moesten nemen. Onze kinderen namen wat ons betreft iets teveel vrijheid, in de breedste zin van het woord. En dat terwijl ik net had gelezen dat kinderen juist grote behoefte hebben aan grenzen. Het geeft rust, veiligheid en vertrouwen. En dat zorgt er dan weer voor dat een kind de kans krijgt om naar eigen vermogen te ‘presteren’.

Streng en doortastend

Oké, besloten we, we worden weer wat strenger en zullen meer doortastend optreden. Overigens raakten wij geïnspireerd door een artikel dat we lazen over Jane Nelson, een Amerikaanse opvoedgoeroe die gelooft dat grenzen stellen, leidinggeven en niet teveel keuzes voorleggen aan kinderen, belangrijk zijn in de opvoeding. Vanaf het moment dat we dat besloten, merkte ik een duidelijk verschil in de manier van communiceren met onze kinderen. Niet dat het roer helemaal omging en de kinderen zelf geen keuzes meer mochten maken of beperkt werden in hun vrijheid, het was meer een kwestie van meer discipline.

Onze nieuwe regels met een mooi effect:

  • Minder keuzes: het klinkt zo leuk ‘kies zelf maar’, maar vaak blijkt dat kinderen al die keuzes juist lastig vinden en dan uiteindelijk kiezen voor iets waar jij dan stiekem het minst voor voelt. Dus, laat kinderen kiezen uit twee opties. Is zoveel overzichtelijker voor ze.
  • Minder praten: we hoeven niet bevriend te zijn met onze kinderen. Er is niets mis mee om je op sommige momenten autoritair op te stellen. Ik geloof dat wij de taak hebben om onze kinderen te begeleiden en te leren. Sommige dingen mogen gewoon niet. Punt. Een discussie zo nu en dan afkappen is dus niet per se verkeerd. Terwijl ik geneigd ben om altijd te luisteren naar het standpunt van mijn kind. Het is beter om concreet te handelen in plaats van eindeloos te onderhandelen.
  • Het is zoals het is: ‘Ik heb geen snoepje gehad en Zeger kreeg er net wel een bij zijn vriendje’. Ons standpunt vanaf nu naar de kinderen: ‘Het is zoals het is en een woede-uitbarsting helpt niets.’ Een ook hier weer: punt. Eerlijk of oneerlijk is te abstract voor een kind en voer voor eindeloze discussies. Gewoon niet meer aan beginnen.
  • Niet eindeloos waarschuwen: Ik heb lange tijd gedacht dat je drie keer moet waarschuwen voor je ingrijpt. Maar het werkt beter om direct en vooral doortastend te reageren op ongewenst gedrag. Hierdoor ontwikkeld je kind meer zelfdiscipline en is het beter in staat om zijn gedrag zelf te reguleren. En let ook op dat je niet eindeloos door emmert over wat je kind verkeerd heeft gedaan en hoe erg je daar van baalt. Benoem dat je kind zich niet aan de afspraken heeft gehouden en dat je dat vervelend vindt.
  • Niet straffen of dreigen: Nou, en deze vond ik wel lastig want heel eerlijk: ik liep op een gegeven moment continue te dreigen met dingen als: ‘als je nu niet stopt krijg je zo dus geen ijsje’. En: ‘Als je doorgaat met dit irritante gedrag, dan volgt er echt een vervelende straf’. Puur onmacht, natuurlijk. Wist ik ook wel. Maar ik vond het moeilijk om te doorbreken. Toch gaat het, met dank aan tips die ik las op de site van TripleP, steeds een beetje beter. Een voorbeeld: wanneer mijn kinderen weer eens ruzie maken, haal ik ze rustig uit elkaar en leg uit dat ze weer samen kunnen spelen zodra ze daartoe in staat zijn. Voorheen zou ik zeggen dat ik moe word van hun gedrag, nu benoem ik alleen wat ik van ze verwacht. Ik maak er dus zo min mogelijk woorden aan vuil. Voorheen ook een reden om te dreigen met een straf: niet doen wat ik ze vraag. Ook hier geldt: praat zo min mogelijk, herinner je kind alleen aan dat wat je hebt gevraagd. Ik zie dat je je kamer nog niet hebt opgeruimd. Doe het nu maar. In plaats van: ‘Zie je wel, je hebt nog niet opgeruimd. Daar was ik al bang voor!’

Kortom: durf nee te zeggen tegen je kind en laat los dat jij je kind moet overtuigen van jouw standpunt.

Dit vind je vast ook interessant: een grote uitdaging voor ouders: respect en discipline aanleren aan de kinderen.

Share this post:

Volg Mamaschrijft

Leave a Reply

*

Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.

4 comments

  1. Pingback: Een brief aan luizenpluis moeders (én vaders): een ode aan jullie - mamaschrijft

  2. Pingback: Open brief aan luizenpluis moeders (én vaders): een ode aan jullie - mamaschrijft

  3. Pingback: Waarom mijn zoon roze nagellak draagt (en ik dat prima vind) - mamaschrijft

  4. Pingback: Respect en discipline. Structuur en duidelijkheid.... - mamaschrijft

Type to Search

See all results